Kies je doelgroep:
Kies je bijbelvertaling:
Kernwoorden
Voorzienigheid

Voorzienigheid

De kracht van God die door Zijn vaderhand in alles voorziet.

Deel deze pagina:

Bekijk de video met uitleg over het kernwoord

Een prachtig borduurwerk?!

Na de oorlog is Corrie ten Boom heel de wereld doorgereisd om te vertellen wat ze in de oorlog had meegemaakt, maar bovenal om te vertellen wat God in haar leven had gedaan. Ze nam dan vaak een borduurwerk mee. Als je wel eens geborduurd hebt of zo'n borduurwerk gezien hebt, dan weet je dat het er aan de achterkant heel rommelig, lelijk en onoverzichtelijk uitziet. Zo kan het ook in je leven voelen: chaos. Het kan vragen geven: waarom dit en waarom dat? Je snapt het niet. Maar als je het borduurwerk omdraait, dan zie je ineens een prachtig werk. Alles wat je aan de achterkant zag, diende dit doel: een prachtig borduurwerk.

In de Bijbel komt het woord ‘voorzienigheid’ niet voor, maar toch is wat ermee bedoeld wordt door heel de Bijbel heen te vinden. Een rijmpje over Gods voorzienigheid luidt: de voorzienigheid van God is de kracht van God die alles vóórziet en in alles voorzíét. Het eerste slaat op het ‘vooruit kunnen zien’ (vgl. Hebreeën 11:40) en het tweede op het ‘voorzien in en van’ (vgl. Genesis 22:8). In de Bijbel en de belijdenisgeschriften wordt de nadruk echter gelegd op het tweede, hoewel ze wel met elkaar te maken hebben. Wie alles voorziet en voorbereidingen treft, kan namelijk ook zorgen voor. Daarmee zijn we al dicht bij de betekenis van het woord ‘voorzienigheid’: De voorzienigheid is een kracht van God die overal aanwezig is en almachtig is (vgl. Handelingen 17:25-28). Door die kracht (1) onderhoudt en (2) regeert God de hemel en de aarde en alle schepselen.

God onderhoudt de wereld (1). Nadat Hij haar tot stand heeft gebracht, houdt God de wereld in stand door Zijn voorzienigheid. Wat God schept, dat onderhoudt Hij door Zijn hand. Dat zien we in de wereld in de gewoonste en alledaagse dingen: het weer, de seizoenen, het groeien van het gras, het eten en drinken, gezondheid en ziekte, rijkdom en armoede, vruchtbare en onvruchtbare jaren, en noem maar op. Er gebeurt niets – maar dan ook helemaal niets! – toevallig. Niets gaat er buiten Zijn wil om. Hij voorziet de schepselen in alle dingen in hemel en op aarde. Hij voorziet de grote volken op de aarde, maar een oud, klein en kwetsbaar vrouwtje is net zo goed voorwerp van Zijn zorgende trouw. Daarom moet die kracht van God wel overal aanwezig én almachtig zijn.

God regeert de wereld (2). God houdt de wereld niet alleen in stand, maar Hij werkt de wereld ook toe naar het einddoel. Hij is als het ware de hemelse Architect die het gebouw van de wereld uitgetekend heeft. Net zoals de bouwvakkers zich precies aan het plan van een architect moeten houden, zo leidt God de wereld volgens Zijn plan toe naar haar doel: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. De uitvoering van dat plan is niet iets automatisch. Het is niet zoals een ouderwetse klok die je moet opwinden en die vervolgens vanzelf gaat lopen. Nee, God is en blijft heel nauw bij Zijn schepping betrokken. Zo nauw, dat Hij Zelf in Zijn Zoon naar deze wereld is gekomen en het bereiken van dit einddoel mogelijk heeft gemaakt door te lijden, te sterven en weer op te staan. Wie zou God ooit kunnen beschuldigen van afstandelijkheid?

Maar als God alles in Zijn hand heeft, hoe zit het dan met het lijden, met pijn, moeite en verdriet? Hoe is dat te rijmen met de voorzienigheid van God? Als eerste moeten we daarop zeggen dat God absoluut niet de Auteur is van de zonde of dat Hij er schuld aan heeft. Hoe onbegrijpelijk het ook is, maar zelfs de zonde is opgenomen in Zijn plan. Dat kunnen we niet begrijpen. In geloof mogen we Gods oordelen aanbidden. God weet wat Hij doet (vgl. NGB 13). Ten tweede mag een gelovige erop vertrouwen dat God alles doet medewerken ten goede (Romeinen 8:28). Een heel duidelijk voorbeeld daarvan in de Bijbel is Jozef. Al het kwaad dat Jozef is aangedaan, heeft God ten goede gedacht (Genesis 50:20). Ten derde mag een kind van God in het lijden weten dat hij alles uit de hand van zijn Vader ontvangt, ook al begrijpt hij het niet. Voor al die dingen mogen we ons hoofd buigen en in geloof belijden dat God goed en rechtvaardig is en dat Hij weet wat Hij doet.

Een tweede probleem heeft te maken met onze eigen verantwoordelijkheid. Als God alles in Zijn hand heeft, hoe zit het dan met onze vrije wil? Hebben we die wel, of is ons leven ook gewoon een draaiboek dat wordt gevolgd? Dat zijn twee dingen die we niet en nooit bij elkaar zullen krijgen. Hoe onbegrijpelijk het ook is, God heeft alles in Zijn hand en er gaat niets buiten Zijn wil om. Maar als je bijvoorbeeld iets steelt, ben je daar wel zelf verantwoordelijk voor.

Als laatste is de leer van de voorzienigheid een grote troost voor christenen. Er is geen schepsel dat tegen Gods wil iets kan doen. Daarom mag een christen er zeker van zijn dat niets hem zal kunnen scheiden van de liefde van Christus. Daarom mag hij in tegenspoed geduldig zijn, in voorspoed dankbaar en zich voor de toekomst overgeven in de handen van zijn trouwe Vader. Denk maar weer aan het borduurwerk. Corrie ten Boom wist als geen ander wat voor een troost de voorzienigheid voor haar was. In haar leven heeft zij onbegrijpelijk lijden meegemaakt. Maar toch kon zij kon het uit genade uit handen geven, in de handen van de hemelse Borduurder.

Voorzienigheid

Bijbelteksten

  • Abraham zei: God zal Zichzelf voorzien van het lam voor het brandoffer, mijn zoon. Zo gingen zij beiden samen.

    Genesis 22:8
  • Jullie weliswaar, jullie hebben kwaad tegen mij bedacht, maar God heeft dat ten goede gedacht, om te doen zoals het op deze dag is: een groot volk in leven te houden.

    Genesis 50:20
  • De ogen van allen wachten op U, U geeft hun hun voedsel op zijn tijd. U doet Uw hand open en verzadigt al wat leeft, naar Uw welbehagen.

    Psalm 145:15-16
  • En wij weten dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, voor hen namelijk die overeenkomstig Zijn voornemen geroepen zijn.

    Romeinen 8:28

Belijdenisgeschriften

In antwoord 26 van de Heidelbergse Catechismus (Zondag 9) wordt het woord ‘voorzienigheid’ in een bijzin genoemd. Het staat in de hoofdzin dat ‘de eeuwige Vader van onze Heere Jezus Christus omwille van Zijn Zoon mijn God en mijn Vader is’. Daarom mag ik weten dat er in mijn leven niets buiten Zijn voorzienigheid om gebeurt. Zo legt Zondag 9 het fundament voor Zondag 10. Wie de Schepper van hemel en aarde door het geloof in Christus als Vader heeft, mag weten dat God hem in al het noodzakelijke levensonderhoud naar lichaam en ziel zal voorzien, en dat al het kwaad wat hem overkomt, ten goede gekeerd zal worden. Dat kan God doen omdat Hij almachtig is, en dat wil Hij ook doen, omdat Hij een getrouwe Vader is.

In de volgende Zondag (HC 10.27) wordt de vraag gesteld wat deze voorzienigheid van God dan precies inhoudt. Het antwoord daarop hebben we gelezen in alinea 1 en 2 van de kerntekst hierboven. Dat het niet genoeg is om dit ‘leerstuk’ alleen maar verstandelijk te weten, komt aan de orde in de volgende vraag (HC 10.28). Welk doel dient het dat we weten dat God alles geschapen heeft en door Zijn voorzienigheid onderhoudt? Het antwoord bestaat uit drie delen: ten eerste zorgt het ervoor dat we in tegenspoed geduldig zijn. Geduldig zijn is niet hetzelfde als berusten. Het is ook geen cynisme of lijdelijkheid. Het is actief: het is dulden, verdragen en volharden. Het is niet het kruis van tegenspoed meeslepen, maar (vrolijk) dragen, omdat je door het geloof mag weten dat Gods Vaderhand het jou toeschikt: het jou te dragen geeft. In de tweede plaats mag je in voorspoed dankbaar zijn. Dat lijkt makkelijk, maar meestal beseffen we pas hoe goed we het hadden, als onze voorspoed wordt afgenomen. Het mag onze levenshouding zijn. In de derde plaats geeft het ons rust: in vertrouwen mogen we de toekomst tegemoet zien omdat die toekomst in handen is van de trouwe God en Vader. Geen ander schepsel kan een christen scheiden van de liefde van Christus, omdat God al die schepsels zo in Zijn hand heeft, dat ze niks kunnen doen zonder Zijn wil. In artikel 13 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis staat dat er niets gebeurt zonder Gods wil, maar dat Hij niet de Auteur van de zonde is (zie ook bovenstaande tekst). Ook al leven de duivelse en goddeloze mensen onrechtvaardig en verkeerd; Gods onbegrijpelijke macht en goedheid zijn zo groot, dat Hij helemaal rechtvaardig en goed is in wat Hij doet. Vervolgens staat er in het artikel dat we het verborgen werk van God dat we niet (kunnen) begrijpen, niet al te nieuwsgierig hoeven te onderzoeken. In nederigheid en eerbied mogen we Gods rechtvaardige oordelen aanbidden. Omdat God rechtvaardig en goed is, is Hij te aanbidden om alles wat Zijn hand doet. Daarom aanbidden we God in Zijn oordelen, als we die kunnen begrijpen en als we die niet kunnen begrijpen. Christenen mogen als leerlingen van Christus tevreden zijn met wat de Bijbel hun leert over de dingen die wel bekend zijn en daar mogen ze genoeg aan hebben. Daarna volgt een conclusie: de leer van de voorzienigheid geeft ons een onuitsprekelijke troost (zie bovenstaande tekst). Het artikel sluit af met het afkeuren van een dwaalleer, die van Epicurus. Volgens hem gebeuren alle dingen toevallig en bemoeit God Zich nergens mee.

Dag 1 Voorzienigheid - Onderhouden
Tekst: Johannes 5:15-18 | |
  1. De man ging weg en berichtte de Joden dat het Jezus was Die hem gezond gemaakt had.
  2. En daarom vervolgden de Joden Jezus en probeerden zij Hem te doden, omdat Hij deze dingen op de sabbat deed.
  3. Maar Jezus antwoordde hun: Mijn Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook.
  4. Daarom dan probeerden de Joden des te meer Hem te doden, omdat Hij niet alleen het gebod van de sabbat brak, maar ook zei dat God Zijn eigen Vader was, en daarmee Zichzelf aan God gelijkmaakte.

In Genesis 2 lezen we dat God op de zevende dag rustte van al Zijn werk. Rusten betekent hier: stoppen met scheppen. Met wat voor werk gaat God door (Joh.5:17)?

Dag 2 Voorzienigheid - Wijs besturen
Tekst: Genesis 48:8-20 | |
  1. Toen zag Israël de zonen van Jozef en zei: Wie zijn dat?
  2. Jozef zei tegen zijn vader: Dat zijn mijn zonen, die God mij hier gegeven heeft. En hij zei: Breng hen toch bij mij, dan zal ik hen zegenen.
  3. De ogen van Israël waren echter zwak van ouderdom; hij kon niet goed meer zien. Hij liet hen dichter bij zich komen; toen kuste hij hen en omhelsde hen.
  4. En Israël zei tegen Jozef: Ik had niet gedacht je gezicht ooit nog te zien, maar zie, God heeft mij zelfs je nageslacht laten zien.
  5. Toen liet Jozef hen bij Jakobs knieën weggaan, en hij boog zich met zijn gezicht ter aarde.
  6. Daarna nam Jozef hen beiden: Efraïm aan zijn rechterhand – voor Israël was dat links – en Manasse aan zijn linkerhand – voor Israël was dat rechts. Zo liet hij hen dichter bij hem komen.
  7. Maar Israël stak zijn rechterhand uit en legde die op het hoofd van Efraïm, hoewel deze de jongste was, en hij legde zijn linkerhand op het hoofd van Manasse. Hij kruiste zijn handen, hoewel Manasse de eerstgeborene was.
  8. En hij zegende Jozef en zei:De God voor Wiens aangezicht mijn vaderen, Abraham en Izak, gewandeld hebben, de God Die mij als herder geleid heeft, mijn leven lang tot op deze dag,
  9. De Engel, Die mij verlost heeft van al het kwaad, zegene deze jongens, zodat door hen mijn naam genoemd zal blijven, en de naam van mijn vaderen Abraham en Izak en zij in het midden van het land in menigte zullen toenemen.
  10. Toen Jozef zag dat zijn vader zijn rechterhand op het hoofd van Efraïm legde, was dat kwalijk in zijn ogen. Daarom greep hij de hand van zijn vader om die te verleggen van het hoofd van Efraïm naar het hoofd van Manasse.
  11. Jozef zei tegen zijn vader: Niet zó, mijn vader, want dit is de eerstgeborene. Leg uw rechterhand op zijn hoofd.
  12. Maar zijn vader weigerde het en zei: Ik weet het, mijn zoon, ik weet het. Ook hij zal tot een volk worden, ook hij zal aanzien krijgen; maar toch zal zijn jongste broer meer aanzien krijgen dan hij, en zijn nageslacht zal tot een grote menigte van volken worden.
  13. Zo zegende hij hen op die dag; hij zei: Israël zal met jullie naam zegenen door te zeggen: Moge God u maken als Efraïm en als Manasse. Zo plaatste hij Efraïm vóór Manasse.

Jakob kruist zijn armen. Dat is geen vergissing, maar wijsheid. Wat is de reactie van Jozef? Wat kun je van deze geschiedenis leren over Gods bestuur?

Dag 3 Voorzienigheid - God is soeverein
Tekst: Daniël 4:28-37 | |
  1. Dit alles overkwam koning Nebukadnezar.
  2. Na verloop van twaalf maanden was hij aan het wandelen op het dak van het koninklijk paleis van Babel.
  3. De koning nam het woord en zei: Is dit niet het grote Babel, dat ik als een huis voor het koninkrijk gebouwd heb, door mijn sterke macht en ter ere van mijn majesteit?
  4. Dit woord was nog in de mond van de koning of er klonk een stem vanuit de hemel: U, koning Nebukadnezar, wordt aangezegd: Het koningschap is van u weggegaan!
  5. Men zal u uit de mensenwereld verstoten en u zult uw verblijf hebben bij de dieren van het veld. Men zal u gras te eten geven zoals aan de runderen, en er zullen zeven tijden over u voorbijgaan, totdat u erkent dat de Allerhoogste Heerser is over het koningschap van de mensen en dat geeft aan wie Hij wil.
  6. Op hetzelfde ogenblik werd dat woord over Nebukadnezar voltrokken. Hij werd uit de mensenwereld verstoten, hij at gras zoals runderen, en zijn lichaam werd bevochtigd door de dauw van de hemel, totdat zijn haar zo lang werd als de veren van arenden en zijn nagels als die van vogels.
  7. Na verloop van die dagen sloeg ík, Nebukadnezar, mijn ogen op naar de hemel, want mijn verstand kwam in mij terug, en ik loofde de Allerhoogste en prees en verheerlijkte Hem Die eeuwig leeft. Zijn heerschappij is immers een eeuwige heerschappij, en Zijn Koninkrijk is van generatie op generatie.
  8. Al de bewoners van de aarde worden als niets geacht. Hij doet naar Zijn wil met de legermacht in de hemel en de bewoners van de aarde. Er is niemand die Zijn hand kan wegslaan of tegen Hem kan zeggen: Wat doet U?
  9. Op datzelfde tijdstip kwam mijn verstand weer in mij terug. Ook kwamen, tot eer van mijn koninkrijk, mijn majesteit en mijn waardigheid weer op mij terug. Mijn raadslieden en machthebbers maakten hun opwachting bij mij. Ik ben in mijn koningschap hersteld. Mij werd zelfs uitzonderlijke grootheid verleend.
  10. Ik, Nebukadnezar, prijs, roem en verheerlijk nu de Hemelkoning, omdat al Zijn daden waarheid zijn en Zijn paden gerechtigheid: Hij is in staat te vernederen wie in hoogmoed hun weg gaan.

Soeverein wil zeggen dat God onafhankelijk is. Hij is aan niemand verantwoording schuldig. Ben jij het eens met de uitspraak van koning Nebukadnezar (vers 35)?

Dag 4 Voorzienigheid - God bestuurt alles
Tekst: Spreuken 16:9, 19:21 en 21:1 | |
  1. Het hart van een mens overdenkt zijn weg, maar de HEERE bestuurt zijn voetstappen.
  1. In het hart van de mens zijn veel plannen, maar de raad van de HEERE, die houdt stand.
  1. Het hart van een koning is in de hand van de HEERE als waterbeken, Hij neigt het tot alles wat Hem behaagt.

God laat de dingen niet gebeuren, maar Hij doet ze gebeuren. Al heb je het zelf niet door, en zelfs als je je verzet tegen God, heeft Hij nog steeds alles in Zijn hand. Voor wie is deze belijdenis bevrijdend, en voor wie beklemmend, denk je?

Dag 5 Voorzienigheid - God voorziet
Tekst: Genesis 22:1-8 | |
  1. En het gebeurde na deze dingen dat God Abraham op de proef stelde. Hij zei tegen hem: Abraham! Hij zei: Zie, hier ben ik.
  2. Hij zei: Neem toch uw zoon, uw enige, die u liefhebt, Izak, ga naar het land Moria, en offer hem daar als brandoffer op een van de bergen die Ik u noemen zal.
  3. Toen stond Abraham 's morgens vroeg op, zadelde zijn ezel, nam twee van zijn knechten met zich mee, en Izak, zijn zoon.Hij kloofde hout voor het brandoffer, stond op en ging naar de plaats die God hem genoemd had.
  4. Op de derde dag sloeg Abraham zijn ogen op, en hij zag die plaats in de verte.
  5. Abraham zei tegen zijn knechten: Blijven jullie hier met de ezel, dan zullen ik en de jongen daarheen gaan. Als wij ons neergebogen hebben, zullen wij bij jullie terugkeren.
  6. Daarop nam Abraham het hout voor het brandoffer en legde dat op zijn zoon Izak. Hijzelf nam het vuur en het mes in zijn hand. Zo gingen zij beiden samen.
  7. Toen sprak Izak tot zijn vader Abraham en zei: Mijn vader! Hij zei: Zie, hier ben ik, mijn zoon. Hij zei: Zie, hier is het vuur en het hout, maar waar is het lam voor het brandoffer?
  8. Abraham zei: God zal Zichzelf voorzien van het lam voor het brandoffer, mijn zoon. Zo gingen zij beiden samen.

De woorden van Abraham (vers 8) hebben heel diepe betekenis. Wat zegt deze tekst over de manier waarop jij zalig kunt worden?

Dag 6 Voorzienigheid - God schakelt de zonde in…
Tekst: Genesis 50:15-21 | |
  1. Toen de broers van Jozef zagen dat hun vader dood was, zeiden ze: Als Jozef ons haat, zal hij ons zeker al het kwaad dat wij hem aangedaan hebben, vergelden.
  2. Daarom lieten zij tegen Jozef zeggen: Uw vader heeft voor zijn dood deze opdracht gegeven:
  3. Dit moeten jullie tegen Jozef zeggen: Och, vergeef toch de overtreding van uw broers en hun zonde, want zij hebben u kwaad gedaan. Maar nu, vergeef toch de overtreding van de dienaren van de God van uw vader. Jozef huilde toen zij zo tot hem spraken.
  4. Daarna gingen ook zijn broers naar hem toe. Zij vielen voor hem neer en zeiden: Zie, wij zullen u tot slaven zijn.
  5. Jozef zei daarop tegen hen: Wees niet bevreesd, want sta ik soms op de plaats van God?
  6. Jullie weliswaar, jullie hebben kwaad tegen mij bedacht, maar God heeft dat ten goede gedacht, om te doen zoals het op deze dag is: een groot volk in leven te houden.
  7. Nu dan, wees niet bevreesd. Ikzelf zal jullie en jullie kleine kinderen onderhouden. Zo troostte hij hen en sprak hij naar hun hart.

Om over na te denken: De broers hadden hun eigen, zondige plan. Intussen was God bezig Zijn plan uit te voeren. Als wij van slechte dingen gebruik maken, krijg je ‘vieze handen’. God blijft echter heilig. Moeilijk te begrijpen? Ja. Onmogelijk om te geloven? Nee.

Dag 7 Voorzienigheid - Troost voor de gelovigen
Tekst: Romeinen 8:28-32 | |
  1. En wij weten dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, voor hen namelijk die overeenkomstig Zijn voornemen geroepen zijn.
  2. Want hen die Hij van tevoren gekend heeft, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn, opdat Hij de Eerstgeborene zou zijn onder vele broeders.
  3. En hen die Hij er van tevoren toe bestemd heeft, die heeft Hij ook geroepen, en hen die Hij geroepen heeft, die heeft Hij ook gerechtvaardigd, en hen die Hij gerechtvaardigd heeft, die heeft Hij ook verheerlijkt.
  4. Wat zullen wij dan over deze dingen zeggen? Als God voor ons is, wie zal tegen ons zijn?
  5. Hoe zal Hij, Die zelfs Zijn eigen Zoon niet gespaard maar voor ons allen overgegeven heeft, ons ook met Hem niet alle dingen schenken?

Een leven met moeilijke dingen, daar blijft niemand vrij van. Dat is het gevolg van onze zonden. Mag jij ondanks dit kwaad in geloof ‘amen’ zeggen op vers 28?

Onder Gods vleugels John Piper Leverbaar
Meer informatie Meer info
Zo is God D.A. Carson Leverbaar
Meer informatie Meer info
Johannes Calvijn over Gods voorzienigheid Gerrit Veldman Leverbaar
Meer informatie Meer info
De schuilplaats Corrie ten Boom Leverbaar
Meer informatie Meer info
In de beproeving God als Vader leren kennen Ds. H. van den Belt
Weet God wel van me af? Ds. W. Harinck
Heeft God alles voorbestemd? John Piper
De belangrijkste reden om niet bezorgd te zijn John Piper
Hoe verhouden voorzienigheid en verzoening zich tot elkaar? Ds. G.A. van den Brink
Gods leiding in je leven Mark Driscoll
Gods voorzienigheid C.H. Spurgeon
Lincoln en de voorzienigheid John Piper
Gods voorzienigheid Ds. P. den Ouden
De hand van Gods voorzienigheid Prof.dr. A. Baars
De leer van Gods voorzieningheid Ds. C.J. Droger
Voorzienigheid voor zoekers naar zin en zekerheid Ds. G.A. van den Brink

Gedicht van Corrie ten Boom

Mijn leven is een weefsel
tussen mijn God en mij.
Niet ik kies uit de kleuren;
heel doelbewust werkt Hij.
Soms weeft Hij er verdriet in
en ik, door onverstand,
vergeet; Hij ziet de boven-
en ik de onderkant.

Als ’t weefgetouw zal rusten
en de spoel niet meer schiet om,
zal God het doek ontvouwen
en verklaart Hij het ‘waarom’.
Hoe nodig donk’re draden
zijn in des Wevers hand
naast goud-en zilverdraden. Zó komt Zijn plan tot stand.

  • Wat raakt jou in dit gedicht?
  • Wat heeft dit gedicht met de voorzienigheid van God te maken?

“Dat is gewoon de natuur!”

Als Timo en Erik aan het gamen zijn, begint het opeens buiten te rommelen. “Oei, er komt onweer aan! Zullen we maar stoppen met gamen? Wij moeten thuis vaak de stekkers uit de stopcontacten doen.” “Huh, meen je dat?”, zegt Erik. “Wij doen dat nooit en er is echt nog nooit iets fout gegaan.” “Dat is misschien wel zo, ja, maar toch stop ik liever. Als het onweert spreekt God en dan doe ik liever dit spelletje eigenlijk niet…” Weer kijkt Erik vol verbazing. Hij moet zelfs lachen. “Meen je dat nu echt? Joh, onweer ontstaat gewoon door wrijving tussen sterk stijgende warme lucht en sterk dalende koude lucht. Dat heb ik net met natuurkunde gehad. Dat heeft echt niks met God of met Zijn stem te maken, hoor!”

  • In wie herken jij je het meest?
  • Heeft Timo of Erik gelijk? Waarom wel of niet?
  • Waarom heeft onweer met de voorzienigheid van God te maken (zie ook Psalm 29:3-4)?

NGB artikel 13

In artikel 13 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis gaat het uitgebreid over de voorzienigheid van God en de regering van alle dingen. Lees het artikel goed door en beantwoord de vragen erover.

  1. Wat heeft God gedaan nadat Hij de wereld heeft geschapen?
  2. Kun jij je gelovig neerleggen bij het feit dat niets buiten Gods wil om gebeurt? Zo niet, wat houdt je tegen?
  3. Wat moeten we doen met de dingen die we niet begrijpen?
  4. Wat is de troost van de leer van de voorzienigheid?
  5. Wat is de dwaling van de Epicureën?


Gerelateerde kernwoorden

Optie 1

Eenmalige gift

Steun ABC van het geloof met een eenmalige gift via iDEAL, simpel en direct. Je kunt zelf het bedrag invullen.

Optie 2

Steun ABC

Wil je meer mogelijkheden om een gift te geven? Ga dan naar de donatiepagina voor meer informatie en om daar te doneren.